|
Op het AMC hebben studenten veel inspraak bij de organisatie van het onderwijs. Er is een zeer actieve studentenraad (SR) die zich onder andere bezighoudt met de inhoud van het onderwijs en de faciliteiten voor studenten op het AMC. Tijdens de studentenraadsverkiezingen in mei kunnen alle studenten op de faculteit stemmen op de studenten die zich kandidaat hebben gesteld om in de SR zitting te nemen.
Op het gebied van studentenpolitiek werkt MFAS samen met de politieke studentenpartij UvAsociaal (www.uvasociaal.nl). MFAS en UvAsociaal leveren jaarlijks een kieslijst voor de studentenraadsverkiezingen. Studenten die via de lijst MFAS/UvAsociaal in de SR komen, zullen de visie van MFAS en UvAsociaal op het geneeskundig onderwijs vertegenwoordigen.
Studievereniging en studentenpartij MFAS houdt zich al sinds 1896 bezig met de vertegenwoordiging van de belangen van studenten aan de UvA, en in het bijzonder van die van studenten aan de faculteit Geneeskunde. UvAsociaal is een jonge studentenpartij die zich zowel in de Centrale Studentenraad (CSR) als in de facultaire studentenraden (FSR) inzet voor studentenbelangen. De partij is in 2005 opgericht door een aantal studenten aan de UvA die zich op basis van gemeenschappelijke ideeën en idealen willen inzetten voor studenten. MFAS en UvAsociaal hebben in de afgelopen jaren vaak samengewerkt om hun doelen te bereiken. Veel gedachtegoed van beide partijen kwam overeen en samen bereik je natuurlijk meer. Deze informele samenwerking beviel zo goed dat MFAS en UvAsociaal in 2007 hebben besloten zich officieel aan elkaar te verbinden.
MFAS en UvAsociaal werken samen op zowel het niveau van de centrale studentenraad als de facultaire studentenraad op het AMC-UvA. Er zullen ook dit jaar weer gezamenlijke kieslijsten worden opgesteld. De lijst voor de FSR op het AMC-UvA zal ‘lijst MFAS/UvAsociaal’ komen te heten en die voor de CSR ‘lijst UvAsociaal/MFAS’.
MFAS en UvAsociaal vinden het belangrijk dat studenten in een stimulerende omgeving onderwijs kunnen volgen. Daarom pleiten zij bijvoorbeeld voor goede feedback, transparante evaluatie van het onderwijs, docentenprofessionalisering en goede afspraken over de nakijktermijnen van de tentamens. Tevens zetten MFAS en UvAsociaal zich in voor studenten die naast hun opleiding extra-curriculaire activiteiten willen ontplooien. Belangrijke agendapunten daarbij zijn bijvoorbeeld het honoursprogramma, internationalisering en mogelijkheden voor studenten die een bestuurlijke functie ambiëren binnen of buiten de universiteit. Beide partijen staan voor hun idealen, maar zijn realistisch en praktisch wanneer er oplossingen worden gezocht.
Wanneer je vragen hebt of je geïnteresseerd bent om je verkiesbaar te stellen voor de SR of de CSR, neem dan gerust contact op met de Commissaris Onderwijs van de MFAS via
Dit e-mailadres wordt beschermd tegen spam bots, u heeft Javascript nodig om het te bekijken
loop even de MFAS-kamer binnen.
MFAS en UvAsociaal werken samen aan een verkiezingsprogramma voor de studentenraadsverkiezingen in mei 2008. Hier staan alvast een aantal speerpunten van de afgelopen jaren:
Geneeskunde
Gratis tentamens inzien
Op dit moment geldt als regel dat er bij het opvragen van een tentamen kopieerkosten betaald moeten worden. Wij vinden dat iedere student recht heeft zijn eigen werk in te zien en dat hier geen financiële lasten aan verbonden mogen zijn. Door dit bedrag te schrappen, denken wij dat de drempel om een tentamen op te vragen wordt verlaagd. De student kan op deze wijze van zijn fouten leren en eventueel om hulp van een docent vragen. Uiteindelijk zal dit ten goede komen van de studieresultaten.
Honoursprogramma
Het honoursprogramma is bedoeld om studenten naast het onderwijs dat zij krijgen, een mogelijkheid tot verdieping van de studiestof aan te bieden. De SUPER-studenten maken kennis met de wetenschappelijke kant van de studie en komen al vroeg in aanraking met de patiëntenzorg.
Wij vinden dat bij de selectie van deze studenten naast studieprestaties meer op motivatie moet worden gelet. Door de toelatingseisen die nu worden gehandhaafd, worden studenten uitgesloten die de interesse en capaciteiten hebben voor dit traject.
Studiebegeleiding
Studiebegeleiding vinden wij erg belangrijk.
Een goede evaluatie van het functioneren van de studiebegeleiding lijkt ons noodzakelijk. Hierbij moet een goede feedback komen van studenten, studieadviseurs en andere betrokkenen. Tevens zijn wij van mening dat er overleg moet komen over de mogelijkheden voor verandering en uitbreiding van de huidige studiebegeleiding.
Nieuw curriculum
Momenteel wordt er hard gewerkt aan het opzetten van het nieuwe curriculum Geneeskunde dat in september 2006 begint.
Zelftoetsing
Wat nog grotendeels ontbreekt in het curriculum is oefening en zelftoetsing. Wij zouden graag zien dat hier meer mogelijkheden toe gecreëerd worden bijvoorbeeld in de vorm van COO's (computer ondersteund onderwijs). Deze mogen niet gelden als vervanging van andere onderwijsvormen!
Toetsing
Net als de kwaliteit van het onderwijs dient ook de kwaliteit van een tentamen goed te zijn. De kwaliteit van sommige tentamens is niet goed genoeg. Meer overleg tussen vakgroepen en het overwegen van andere vraagvormen zouden aan de tentamenkwaliteit kunnen bijdragen.
Herkansingen
In de opzet voor het nieuwe curriculum ligt het plan om het aantal tentamen herkansingen dat per blok mag worden afgelegd, te verminderen. Het maken en nakijken van de tentamens kost de docenten veel tijd. Zij zien daarom graag dat de herkansingen alleen worden afgelegd als er kans van slagen is.
De MFAS-kieslijst heeft begrip voor de docenten, maar benadrukt dat het aantal herkansingen die nu per blok staan, niet zomaar gereduceerd kunnen worden, omdat dit de vrijheid van de studenten vergroot en de kans op studievertraging verkleint.
Wij zien eerder een mogelijke oplossing in het ter verantwoording roepen van de student als de student meerdere herkansingen niet haalt. De student kan dan samen met de studieadviseur de studieproblemen bespreken en deze trachten op te lossen.
Kleinschalig onderwijs
Grootschalig onderwijs, hoorcolleges en werkcolleges, zijn uitermate geschikt om een onderwerp in te leiden en om een overzicht te geven van de te bestuderen stof. Werkcolleges geven studenten meer mogelijkheden vragen te stellen en bieden iets meer diepgang in de stof.
Voor echte verdieping van een onderwerp en voor meer persoonlijke begeleiding is echter kleinschalig onderwijs, werkgroepen en practica, noodzakelijk. Er wordt dieper op de stof ingegaan waardoor deze duidelijker en toegankelijker wordt. Daarnaast is het beter mogelijk vragen te stellen over de stof door het nauwe contact tussen student en docent. Door actief met de stof bezig te zijn wordt deze beter begrepen en onthouden. Bovendien beleven studenten er meer plezier aan. Naar onze mening dient deze vorm van onderwijs een prominente plaats te krijgen in het nieuwe curriculum, ondanks de groei van het aantal studenten.Academische vorming
Geneeskunde is een wetenschappelijke opleiding waar academische vorming een belangrijk deel van uit moet maken. Academische vorming is wel in het curriculum terug te vinden, maar vaak pas na lang zoeken. Wij willen graag dat het aandeel academische vorming uitgebreid, maar vooral, explicieter wordt.
Vrijekeuzeonderwijs
De MFAS-kieslijst vindt het belangrijk dat de keuzeruimte en de vrijekeuzeruimte worden uitgebreid. Hierbij wordt bewust onderscheid gemaakt tussen beide termen. Het komt erop neer dat een deel van de keuzeruimte beperkt mag zijn, bijvoorbeeld geneeskundig georiënteerd, maar dat een deel ervan vrij moet zijn. In dit deel mag gekozen worden voor ieder vak op doctoraal niveau dat aan de UvA wordt gegeven.
Verplichte onderwijsvormen
Wij zijn van mening dat de hoeveelheid verplicht onderwijs niet verminderd hoeft te worden, maar vinden het wel belangrijk dat er kritisch bekeken wordt wat echt verplicht onderwijs zou moeten zijn. Alleen datgene dat wel bij de studie Geneeskunde hoort maar dat niet uit een boek of op enigerlei andere wijze zelfstandig geleerd kan worden zou verplicht moeten worden gesteld. Hierbij valt te denken aan anamnestische vaardigheden en het uitvoeren van lichamelijk onderzoek.
MIK in de Geneeskunde
De faculteit der Geneeskunde van de UvA is de enige medische faculteit die de studie Medische Informatiekunde (MIK) in huis heeft. Maar zij is ook de enige faculteit waarbij in de studie Geneeskunde geen MIK-onderwijs wordt gegeven! De MFAS-kieslijst vindt dit zonde en onacceptabel en gaat zich er hard voor maken dat dit probleem in het nieuwe curriculum wordt opgelost.
Co-schappen
Nabespreking van co-schappen
Waar in de eerste vier jaar van de Geneeskunde opleiding voortdurend evaluatie van het onderwijs plaats vindt d.m.v. nabesprekingen, wordt er na de start van de co-schappen vrijwel niet meer geëvalueerd.
Onder co-assistenten is wel bekend op welke locatie je een bepaald co-schap liever niet loopt, maar formeel gebeurt er met deze informatie niets. Het wordt tijd dat er een evaluatie plaats vindt, zodat duidelijk wordt wat het probleem is op deze locaties. Er moet een beter nabesprekingsysteem komen waardoor problemen vroegtijdig boven tafel komen. Komende jaren komen er een groot aantal co-schap plaatsten en locaties bij. Ook deze dienen kritisch beoordeeld te worden.
Duidelijk beleid t.a.v. diensten
Het aantal diensten dat je als co-assistent draait is in de eerste plaats afhankelijk van de locatie waar het co-schap plaats vind. Enige variatie hierin is acceptabel, maar nu draaien sommige co-assistenten geen en andere zeer veel nacht-, avond- en weekenddiensten. Hier moeten duidelijkere richtlijnen voor komen.
Beoordeling
Het is niet bij ieder co-schap duidelijk hoe de beoordeling precies tot stand komt en daar waar er wel afspraken zijn gemaakt worden ze niet altijd nageleefd. Wij willen een transparant beoordelingsysteem dat ook daadwerkelijk wordt gebruikt.
Artsuitslagzitting
De geneeskundeopleiding aan de UvA kent geen doctoraal uitreiking. Pas als co-assistenten na zeven jaar de titel ‘basisarts' krijgen vind er een officiële uitreiking plaats. Deze arts uitslagzittingen behoren een hoogtepunt te zijn. Om dit te bereiken zijn de zittingen het laatste jaar al wat persoonlijker geworden, maar hier moet nog meer aandacht aan besteed worden.
Faciliteiten
Faciliteiten algemeen
Het aantal 1ejaars studenten is de laatste jaren sterk gestegen. Daarentegen zijn de faciliteiten enigszins achtergebleven. Wij voorzien dan ook een hoop problemen als er niet verantwoordelijk gehandeld word. Plein J is prachtig maar het is nog steeds niet overal mogelijk elektronisch te betalen; hier zien wij graag verandering in komen.
Computer faciliteiten
In het algemeen zijn we erg tevreden over de computer faciliteiten binnen de faculteit. Er kunnen echter nog een aantal punten verbeterd worden. Blackboard wordt door veel docenten nog niet efficient gebruikt en ook met de PowerPoint-presentaties gaat het nog maar al te vaak mis. Als oplossing hiervoor denken wij o.a. aan een blackboardcursus voor een aantal docenten van iedere vakgroep.
Verder moeten de speciale computerprogramma's voor co-assistenten (in het predokter-centrum) ook beschikbaar zijn in het digitorium omdat de eerste al om kwart voor vijf dicht gaat en dan is de studiestof voor o.a. de DOK-toetst (welke alleen elektronisch beschikbaar is) niet meer toegankelijk.
Daarnaast zijn de computers op de afdelingen van de co-assistenten vaak erg slecht onderhouden en vereisen daarom een opknapbeurt.
Communicatie met achterban
Zoals al eerder naar voren is gekomen vinden wij communicatie met onze achterban, de studenten MIK en Geneeskunde, zeer belangrijk. De studentenraad is een afspiegeling van de studenten, dat moet niet uit het oog verloren worden. Een goede communicatie verkleint de kans op misverstanden en zorgt voor betere resultaten. De communicatie naar en met de studenten verloopt al jaren niet goed, het wordt tijd dat daar verandering in komt.
>
Medische Informatiekunde (MIK)
Het is van groot belang om een goed niveau van de afgestudeerde Medische Informatiekundige te waarborgen. Er komt een nieuwe master in september 2006. Er is onder andere voor gezorgd dat de stage lang genoeg moet blijven om deze goed te kunnen afronden.
Internationale ontwikkeling is zeer belangrijk voor een opleiding van goede kwaliteit. Uit het buitenland kunnen studenten aangetrokken worden en er moet gewerkt worden aan goede mogelijkheden voor de Nederlandse studenten om een periode, bijvoorbeeld voor stage, naar het buitenland te kunnen, zoals met een uitwisselingsprogramma.
Verder dient er gewerkt te worden aan bekendheid van de opleiding in Nederland, vooral op middelbare scholen, om zo bij meer scholieren de interesse te wekken voor MIK.
|